ThiemeMeulenhoff
U bent hier: Homepage |Over Overal tekst |Over de methode | Vraag en antwoord

Vraag en antwoord

Klik op uw vraag om direct naar het antwoord te gaan.
1.   Waarom zou onze school voor Overal tekst! kiezen?
2.   In welk leerjaar kan onze school het best starten met Overal tekst!?
3.   In hoeverre sluit Overal tekst! aan op recente inzichten over begrijpend 
      leesonderwijs?
4.   Wat doet Overal tekst! aan differentiatie?
5.   Kan er in Overal tekst! met actuele teksten worden geoefend?
6.   Sluiten de methodetoetsen van Overal tekst! aan bij Cito?
7.   Waarom is Overal tekst! een goede keuze voor het S(B)O?
8.   Waarom is Overal tekst! een goede keuze voor traditionele
      vernieuwingsscholen, zoals Montessori?
9.   Sluit Overal tekst! aan op de ThiemeMeulenhoff-methode Taalverhaal?


1. Waarom zou onze school voor Overal tekst! kiezen?
Brug van begrijpend leesles naar realiteit
Omdat Overal tekst! de eerste methode is die het mogelijk maakt begrijpend lezen te oefenen op ‘willekeurige’ teksten uit het dagelijks leven. Kinderen krijgen concrete handvatten om de leesmanieren ook buiten de begrijpend leesles toe te passen.

Uitdagende leeromgeving
Omdat Overal tekst! een sprankelende leeromgeving biedt, die kinderen
uitdaagt en motiveert. Elke tweede les in de week kan geoefend worden
op een tekst uit het vrolijke, tijdschriftachtige Brugboek, een tekst van de
speciale Overal tekst! Startpagina of een zelf gekozen tekst. Een flexibel
model, getest in de praktijk: leerkrachten en leerlingen zijn laaiend enthousiast!

Naar boven


2. In welk leerjaar kan onze school het best starten met Overal tekst!?

We raden u aan om de methode in twee stappen in te voeren: het eerste schooljaar in de groepen 4, 5 en 6 en het jaar daarop in groep 7 en 8.
In één keer invoeren is mogelijk vanaf schooljaar 2010-2011. Dit vraagt
wel iets meer inspanning van zowel de leerkrachten als de leerlingen in
groep 7 en 8.

Naar boven


3. In hoeverre sluit Overal tekst! aan op recente inzichten over
begrijpend leesonderwijs?
Relatie met technisch lezen
Overal tekst! start pas na de kerst in groep 4, met één les per week.
Dit sluit aan bij het gegeven dat goed en vlot technisch lezen een
randvoorwaarde is voor het begrijpend lezen. Het is dus belangrijk om
daar voorrang aan te geven in groep 4.

Relatie met woordenschat
Een goede woordenschat is eveneens een indicator voor succesvol
begrijpend lezen. Overal tekst! besteedt structureel (= elke week)
aandacht aan de woordenschat. Bovendien oefenen de leerlingen
vanaf groep 4 al veel met informatieve teksten. Dit heeft een bewezen
positief effect op het vergroten van de woordenschat.

Leesmotivatie
Leesmotivatie is een groot knelpunt in het huidige leesonderwijs.
Overal tekst! biedt een sprankelende leeromgeving, die kinderen
uitdaagt en motiveert. Elke tweede les (de brugles) in de week kan
geoefend worden op:

  • een tekst uit het vrolijke, tijdschriftachtige Brugboek;
  • een tekst van de Overal tekst! Startpagina;
  • teksten uit andere bronnen, zoals de zaakvakmethode of een tijdschrift.

Zo wordt begrijpend lezen ingebed in de realiteit.

Effectieve leesstrategieën
Overal tekst! baseert zich op de huidige kerndoelen taal voor
begrijpend en studerend lezen, die uitgaan van het gebruik van
leesstrategieën. Daarnaast is gekeken naar de 7 ‘bewezen effectieve leesstrategieën’ (Vernooy, Filipiak e.a.). Die zijn omgezet naar kleinere,
behapbare eenheden: 25 leesmanieren. Bijvoorbeeld de leesmanieren
‘Verken de tekst’ of ‘Stel jezelf steeds vragen’.
Deze keuze komt voort uit twee uitgangspunten:

  • De methode gaat uit van kleine, concrete leerdoelen per week. Per week staat de leesmanier van de week centraal. Die komt meerdere keren per blok en per jaar terug en wordt uitgebreid in vervolgjaren. In groep 7 en 8 vindt meer clustering van leesmanieren plaats.
  • De methode wil leerlingen en leerkrachten gemotiveerd houden. Elke week teksten behandelen met vaste vragen wordt in de praktijk als heel saai ervaren.


Naar boven


4. Wat doet Overal tekst! aan differentiatie?
Werkschrift en Maatschrift
In zowel de basisles als de brugles verwerken leerlingen de stof in hun
eigen schrift: het Werkschrift of het Maatschrift. Het Maatschrift is er voor
leerlingen die meer moeite hebben met tekstbegrip of leestechniek,
het Werkschrift is er voor de gemiddelde en goede leerling. Alle kinderen
werken vanuit dezelfde klassikale instructie toe naar hetzelfde einddoel:
beter tekstbegrip. Leerlingen die met het Maatschrift werken, worden
onderweg meer bij de hand genomen.

Groeimodel in de bruglessen
Bij verwerking van de brugles oefent de Werkschrift-leerling naar keuze
met een tekst uit het Brugboek, van de Startpagina of een zelf gekozen tekst.
De Maatschrift-leerling oefent in principe in de veilige omgeving van het Overal tekst! Brugboek. Uitstapjes naar de Startpagina of een andere tekst zijn wel mogelijk.

Extra hulp voor zorgleerlingen
Overal tekst! biedt als extra ondersteuning audio-cd’s met voorgelezen teksten uit het Brugboek (in groep 4: teksten uit het Basisboek).
Deze zijn tijdens de gewone les of als pre-teaching in te zetten.
Verder zijn de teksten uit het Brugboek ook zonder vormgeving en in
extra grote letter beschikbaar voor specifieke zorgleerlingen.

Tempodifferentiatie

Voor snelle leerlingen - of ze nu met een Werkschrift of Maatschrift werken -
zijn er steropdrachten.

Naar boven


5. Kan er in Overal tekst! met actuele teksten worden geoefend?
Overal tekst! werkt samen met Kidsweek Junior, de krant voor kinderen
van groep 5 tot en met 8. Elke week biedt de methode een link naar
een actuele tekst uit de krant. Deze tekst kan ingezet worden als
oefenmateriaal in de brugles.
U kunt ook oefenen met zelf gekozen actuele teksten.

Naar boven


6. Sluiten de methodetoetsen van Overal tekst! aan bij Cito?
Ja. Elke zesde week, als de leesmanieren uit een blok bij elkaar komen,
hanteert Overal tekst! de vraag- en opdrachttypen van de nieuwe
begrijpend leestoetsen van het Cito.  Elke zevende week is vervolgens
de toetsweek, met opnieuw Cito-conforme vragen. Op het moment dat
de Cito begrijpend leestoets voorbij komt, hebben uw leerlingen dus al
diverse keren geoefend op deze wijze. Ze worden niet verrast door
onbekende vraagtypen en opdrachten. 

Naar boven


7. Waarom is Overal tekst! een goede keuze voor  het S(B)O?

  • Overal tekst! gaat uit van kleine instructie-eenheden (per les en per week).
  • Overal tekst! kent een hele heldere, strakke structuur (per les, per week, per blok). Die herkenbaarheid en duidelijkheid is prettig voor S(B)O-leerlingen.
  • Er is (in elke eerste les, de basisles) ruime aandacht voor inoefening.
  • Overal tekst! is concentrisch: dezelfde leesmanieren komen elk jaar op hetzelfde moment voorbij. Telkens wordt begonnen met ‘Weet je nog?’ (=stukje herhaling van vorig leerjaar). Pas daarna volgt uitbreiding, of oefening op een hoger tekstniveau. Eindigen op een lager niveau kan: de kinderen hebben dan altijd alle leesmanieren wel gehad.
  • Overal tekst! kent naast de Werkschriften ook Maatschriften: die zijn prima bruikbaar voor kinderen die meer moeite hebben met tekstbegrip (en technisch lezen). Ze bevatten kleinere denkstapjes, een meer gesloten vraagstelling en geven al wat prijs van de denkrichting voor antwoorden. Kortom, ze nemen de leerling wat meer bij de hand. Ze vragen bovendien minder schrijfwerk van de leerlingen: handig voor leerlingen die motorisch minder sterk zijn.
  • Motivatie is voor S(B)O-kinderen extra belangrijk. Overal tekst! is leuk, door de directe koppeling aan teksten uit de leefwereld van het kind. Die staan in een vrolijk vormgegeven Brugboek. Daarnaast zijn er uitstapjes mogelijk naar internetteksten of teksten uit Kidsweek (maar dat hoeft niet).
  • Overal tekst! gaat in de basisles uit van korte leesteksten. Daar wordt de leesmanier van de week op geoefend en toegepast.
  • Overal tekst! schenkt structureel aandacht aan de woordenschat. Achterin het boek staan alle betekenissen ook nog in een woordenlijst. Ten slotte wordt de woordenschat van kinderen vergroot, doordat Overal tekst! veel informatieve teksten gebruikt (het is wetenschappelijk bewezen dat het lezen van informatieve teksten de woordenschat vergroot).
  • Overal tekst! kent spelvormen als oefenvariant: met de spelletjes uit de spellendozen in groep 4-8 oefenen de kinderen een leesmanier op een heel andere manier. Ook de reguliere lessen kennen spelopdrachten.
  • Overal tekst! biedt ondersteunend materiaal voor zwakke en/of dyslectische kinderen: alle Brugboekteksten worden voorgelezen op cd, en op de methodesite staan alle Brugboekteksten ontdaan van vormgeving en in extra grote letter.
  • Zelfstandig werken kan weliswaar goed met Overal tekst!, maar hoeft niet. Voor S(B)O is naast een volledig klassikale aanpak ook het werken in bijv. niveaugroepjes prima te organiseren.


Naar boven


8. Waarom is Overal tekst! een goede keuze voor traditionele 
vernieuwingsscholen, zoals montessori?
Overal tekst! heeft een groot aantal kenmerken die de methode ideaal maken voor het montessorionderwijs. De methode daagt kinderen uit door ontwikkelingsgerichte materialen, gaat uit van betekenisverlening en gebruikt bij de verwerking teksten uit echte bronnen, zoals internetteksten. Zowel leerkracht als leerling hebben veel keuzevrijheid in de Overal tekst!-lessen. En leerlingen werken zelfstandig en leren van elkaar.

De methode is geschikt voor het traditionele vernieuwingsonderwijs (in het bijzonder montessori), omdat Overal tekst!:

  • kiest voor concrete leerdoelen in leerlingentaal: niet alles door elkaar heen;
  • zelfcontrole mogelijk maakt via de antwoordenboekjes;
  • een actieve houding van het kind vraagt: het gaat veel zelf aan de slag en zal dus ontdekkend leren;
  • goed geschikt is voor zelfstandig werken en beperkt leerkrachtafhankelijk is, door o.a. de korte instructie, die in een kleine kring aangeboden kan worden maar ook zelfstandig te verwerken is;
  • zich in eerste instantie richt op de aanpak en niet op de tekstinhoud. Bij die aanpak staat het isoleren van de eigenschap centraal: kleine deelvaardigheden (de ‘leesmanieren’: leesstrategieën en leesvaardigheden) worden langzaam uitgebreid;
  • dwarsverbanden legt met ‘zaakvakken’ en nieuws;
  • kinderen uitdaagt, via de ontwikkelingsgerichte materialen, de prikkelende tekstkeuze, de keuzeopties elke tweede les in de week, de opdrachtvormen en het samenwerkend leren;
  • uitgaat van betekenisverlening (’waarom leer ik dit?’) en daarbij de echte werkelijkheid gebruikt. Overal tekst! gebruikt bij de verwerking teksten uit echte bronnen. Teksten die de kinderen prikkelen en die aansluiten bij hun interesse en dagelijkse leefwereld. Daar horen ook internetteksten bij. Overal tekst! heeft vanaf groep 5 een Startpagina die doorlinkt naar bruikbare internetteksten. Het werken met de computer is een manier van verwerken die kinderen als levensecht ervaren;
  • een flexibel, uitbreidbaar model hanteert: leerkrachten kunnen hun eigen teksten (bijvoorbeeld kranten) invoegen. Overal tekst! geeft suggesties, u als leerkracht bepaalt. Daarbij is er elke tweede les in de week (de Brugles) keuzevrijheid: kinderen werken óf met een tekst uit het Brugboek, óf met een Startpagina-tekst van internet, of met een zelf gekozen tekst;
  • aandacht heeft voor samenwerkend leren. Na het aanleren van de basis in de eerste les van de week (de Basisles), gaat Overal tekst! elke tweede les (de Brugles) uit van samenwerkend leren. Verder zijn er remedieerspellen bij de methode, die leerlingen in groepjes van vier spelen: er is interactie en ze leren van elkaar;
  • eventueel leerjaardoorbrekend of met individuele leerroutes ingezet kan worden. Goede leerlingen kunnen versnellen, en eventueel kan een leesmanier meteen op een hoger niveau geoefend worden. Dit vraagt wel een inspanningsverplichting van elk teamlid.
  • stevige, duurzame materialen biedt;
  • natuurlijk voldoet aan de kerndoelen en voorbereidt op het voortgezet onderwijs.

Klik hier en hier voor meer informatie over de aansluiting van Overal tekst! op het montessori-onderwijs.Wilt u van een montessori-collega meer horen over Overal tekst! in het montessori-onderwijs? Bekijk dan deze speciale site.

Naar boven


9. Sluit Overal tekst! aan op de ThiemeMeulenhoff-methode Taalverhaal?
Overal tekst! is niet direct gekoppeld aan de taalmethode Taalverhaal. Wel zijn er overeenkomsten:

  • de hoofdauteur van Taalverhaal is tevens een van de hoofdauteurs van Overal tekst! Dat heeft als voordeel dat u ervan kunt uitgaan dat de taaltheorie en de begrijpend leestheorie goed op elkaar aansluiten. Een voorbeeld: bij de leesmanier 'Vind de betekenis' in Overal tekst! sluit de uitleg aan bij de theorie over woordleerstrategieën in Taalverhaal.
  • beide methoden gaan uit van strategisch leren.
  • beide methoden omvatten 35 lesweken op jaarbasis.
  • beide methoden gaan uit van de afwisseling klassikaal werken in de ene les en zelfstandig werken in de andere les.


Naar boven